• De moraal van klooster Rolduc in Kerkrade was heilig voor de redactie van Ons Blad in Alkmaar.

    Bob de Mon

Terugblik: het voortwoekerende bioscoopkwaad

ALKMAAR In de vorige Terugblik lazen we dat de katholieke krant Ons Blad het vertrouwen in burgemeester Ripping opzegde. Ripping weigerde namelijk een film te verbieden, die door het klooster Rolduc in Kerkrade als uiterst verderfelijk werd beschouwd.

Bob de Mon

De redactie van Ons Blad vond de film zelfs zo verwerpelijk, dat noch de titel van de film noch de betreffende bioscoop, werd vermeld. Wat men wel schreef, was onder andere: ,,Nu dezer dagen duidelijk is gebleken dat men zich niet houdt aan de uitspraken van het blad 'Tooneel en Bioscoop' (uitgave van het klooster Rolduc te Kerkrade, red.), zoo stipt als door het waarachtig volksbelang gevergd wordt, mogen wij niet rustig en gerust afwachten tot er op een mooie dag een gemeentelijke commissie tot filmkeuring wordt geconstitueerd. De kwestie is door het nare bioscoopschandaal van deze week in een geheel ander stadium gekomen. Thans moet het parool wezen: Deze commissie moet er zoo spoedig mogelijk komen! We kunnen niet langer wachten, geen dag en geen nacht!''

,,De slappe houding van de gemeente tegenover het voortwoekerende bioscoopkwaad, schrijven we voor een goed deel toe aan een onbegrijpelijke onderschatting van het bioscoopgevaar. Men ziet het niet zo erg in. Hele relazen van misdrijven, welke onmiskenbaar het gevolg waren van bioscoopbezoek, hebben hier hun uitwerking niet gemist. In de hoofden van de verantwoordelijken in deze is het blijkbaar niet opgekomen, of het verval van goede zeden – ook in Alkmaar – niet in verband kan staan met de herhaaldelijke vertoning van slechte films. Films, waarin ontrouw, ongeoorloofde liefde en ongetrouwde samenleving, flirt, lichtzinnigheid enzovoort aanstoot geven. Men schijnt er nooit aan gedacht te hebben, dat de ziekelijke overprikkeling, welke de grote massa ondervindt, in vele gevallen tot af te keuren gedrag aanleiding geeft. Leidt tot daden waarmee jongelieden hun leven verwoesten en zichzelf en anderen levenslang ongelukkig maken. Mag zoiets worden in de hand gewerkt of worden toegelaten?''

,,Even als in Amsterdam moet ook in Alkmaar de raad door de burgemeester voortgestuwd worden in de goede richting. Ook al is Amsterdam een slechtere stad dan Alkmaar. De mensen in Alkmaar zijn niet minder vatbaar voor slechte en verderfelijke indrukken. We zouden juist zeggen: ,,In tegendeel!.'' Een zelfde film kan in Alkmaar grotere ergernis wekken dan in Amsterdam, omdat wij – Goddank! - in Alkmaar niet zo gewend zijn aan schandelijke bioscoopplaten en bioscoopfilms als in Amsterdam. Als men in Amsterdam iets verkeerds doet, dan hoeft in Alkmaar het grootsteedse voorbeeld nog niet gevolgd te worden.'' ,,Nu menen we niet dat wij van een gemeentelijke bioscoopcommissie alle heil mogen verwachten. Niet dat de Katholieken en alle andere fatsoenlijk denkenden met een gerust hart de eerste de beste bioscoop kunnen binnenlopen. Neen, dat niet. Verschil van mening zal in de boezen van een commissie met moreel hoogstaande personen zeker voorkomen. Zij zullen echter slecht noemen wat slecht is, wat ergernis geeft en wat bij het licht ontvankelijke gemoed der jongeren tot verkeerde daden prikkelt. Dan zullen wij in de toekomst echter niet meer geërgerd worden door een bioscoopschandaal als dat van deze week!''