• alkmaar

    Alef Starreveld

Jubileumfeest Kaasdragersgilde in kader 425 jaar

ALKMAAR Het Alkmaarse Kaasdragersgilde viert dit jaar zijn 425-jarig bestaan. Een unieke gebeurtenis: een gilde van 33 leden, de Kaasvader én 32 Kaasdragers, dat al zo lang bestaat.

Karel Beentjes

Het jubileum van het Kaasdragersgilde is aanleiding voor een gesprek met Kaasvader Willem Borst en Kaasdragers Ron Heg, en Engel Hopman, mede-organisatoren van het feest Kaasdragersgilde 425 jaar met zijn wereldrecordpoging kaasproeven op 17 juni (zie www.kaasdragersgilder425jaar.nl). Willem Borst vertelt: 'Oud gemeentesecretaris Joost Cox heeft de viering van ons 400-jarig bestaan door de neus geboord.' Hij ontdekte dat het Kaasdragersgilde niet in juni 1622 was opgericht, maar al in 1593 middels een 'collegie', een officieuze naam voor gilde. In 1972 vierde het Kaasdragersgilde zijn 350-jarig bestaan en nu 46 jaar later al zijn 425-jarig jubileum.

Willem van Oranje gaf in 1581 op aandringen van de Alkmaarse Vroedschap Alkmaar het Waagrecht als dank voor het weerstaan van de Spanjaarden. De Prins mocht best iets terugdoen, vonden ze. De De boeren brachten zelf hun kaas naar de markt, verhandelden deze en betaalden met de handelaren de kaasdragers. Nu betaalt de gemeente hen. Met de komst van de melkfabrieken rond 1900 nam de kaasaanvoer op de kaasmarkt fors toe. In 1916 was de piek met 316.000 kilo kaas, nu is dat 30.000 kilo. De kaasdragers moesten toen de kaas van de markt naar de pakhuizen brengen, een zwaar beroep. De aanvoer nam daarna af. De vele melkfabriekjes fuseerden en nu zijn alleen de Cono en Friesland Campina nog over die de op de Kaasmarkt aangevoerde Noord-Hollandse kaas maken. De Kaasmarkt is nu vooral een historisch schouwspel.

Het Kaasdragersgilde wordt geleid door de Kaasvader met zijn oranje hoed en wandelstok met zilveren beslag. Het gilde bestaat uit vier vemen met elk hun eigen weegschaal in het Waaggebouw. Elk veem heeft zijn eigen kleur: rood, groen, geel en blauw., herkenbaar aan de strohoeden. Elk veem wordt geleid door de Overman. Deze draagt een zilveren schildje met de sierlijke letters 'Overman'. Ron Heg en Engel Hopman zijn beiden Overman. Het gilde kent nog de volgende taken: de Tasman, de oudste kaasdrager in dienstjaren, deze int de betalingen voor het veem; de Beul int de boetes die de kaasdragers krijgen als zij te laat komen; de knecht poetst het koper, houdt de biervoorraad bij en de kaasdragerskamer op orde. Tenslotte zijn er de noodhulpen, herkenbaar aan hun witte strohoeden.

Via handjeklap worden de kazen verkocht en door de kaasdragers vervoerd naar de weegschalen in het Waaggebouw. Daarna brengen de kaasdragers de kaas weer terug met hun berries, die vaak al meer dan 100 jaar oud zijn. De kazen op de berrie wegen samen 130 kilo. 'Er zijn zelfs dragers die damesverband gebruiken om schaafplekken op hun schouders bij de eerste kaasmarkten te voorkomen', zegt Kaasvader Borst. Ook zere benen horen er dan bij. 'Kaasdragers moeten uit de maat kunnen lopen, anders wordt de berrie instabiel, een glas water moet overeind kunnen blijven', vertellen Ron Heg en Engel Hopman.